Translate

Posts tonen met het label broodkruim. Alle posts tonen
Posts tonen met het label broodkruim. Alle posts tonen

zaterdag 28 januari 2017

Wiener Schnitzel





Op de een of andere manier ben ik altijd moeite blijven houden met de Schnitzels die kant-en-klaar bij onze slagers te vinden zijn. Je weet niet wat voor vlees er onder de paneerlaag schuil gaat. Ik verbeeldde me dat de mindere goden onder de slagers zouden kiezen voor wat mindere kwaliteit vlees om dat, al panerend, mooi te verhullen. Inmiddels heb ik een vaste slager die ik vertrouw, maar desondanks paneert Dikke liever zelf. Ik schaf een stuk kalfs-entrecote aan die ik dan zelf kan verdelen in ongelijke delen. Opdat de meisjes Sigi allemaal een Schnitzel krijgen, die qua grootte bij hun appetite past.

Ik weet niet precies hoe de tijdsgeest werkt, maar terwijl ik aan dit blog werk, verschijnt er deze week een Wiener Schnitzel-tutorial op Foodtube. En vandaag heeft het Parool een Wiener Schnitzel-test in de weekendbijlage staan. In ons Amsterdam blijkt er een heus Wurst- en Schnitzelhaus te zijn. Klinkt als "der Platz zu sein", maar de kok heeft zich naar een 18-e en daarmee laatste plek geklootvioolt. Wat verder opvalt is dat er zelden kalf gebruikt wordt; veel vaker varken of kip.




In Dikke's jonge jaren moest de Wiener de concurrentie aan met de Zigeuner- (klinkt in het duits als 'Tsieghoiner'). Tijdens het mooiste Schnitzel-moment in Dikke's leven kwamen deze twee samen. Na een dag ski-fahren in Oostenrijkse bergen bleek er 's avonds 'Zigeuner' op het Gasthof-menu stond. Mit kartoffel-salat natuurlijk. Deze toch zeker niet klein uitgevallen 'Zigeuner' verdween als sneeuw voor de zon. De puber met gezonde trek, die Dikke toen was, werd door de Fraulein verrast; er was namelijk nog een Wiener over. Of ik nog een stukje wilde. Selbstverständlich, gerne !





Een klassieke Wiener Schnitzel is van kalfsvlees. Goedkoper en absoluut ook lekker is kip. Neem dijen. Een stuk kalfsentrecote sla je platter, tot een dikte van zo'n 0,5 cm. Plet het vlees onder een stukje folie met een vleeshamer. Zout het vlees royaal.

Minstens zo belangrijk als het vlees is de laag paneer. Paneer 'a l'anglaise'; maak een straatje van 5 borden. Op bord 1 liggen de ongepaneerde schnitzels. Van links naar rechts bloem, losgeklutst ei met met een scheutje spa, en paneermeel. Haal de schnitzels zorgvuldig door de 3 borden. Schudt overtollig bloem af voordat je het vlees door het ei haalt. Laat nu uitlekken voor je het vlees in het paneermeel legt. Het laatste bord is voor de gepaneerde schnitzels. Vanaf het ei gebruik ik een vork. Dubbelpaneren is niet echt nodig, maar kan je doen. Dan heeft het in ieder geval niet aan jou gelegen.



Het bloemen van vlees doe je om er voor te zorgen dat het vleesoppervlak geen direct contact met de olie zal hebben.

De CO2 in de Spa door het ei zou het souffleren bevorderen.

In plaats van een ei kan je hier heel goed eiwitten gebruiken die je nog in je koelkast hebt staan omdat je Dikke's crème brûlée of mayonaise onlangs hebt gemaakt.

Paneermeel maak je gewoon zelf door oud (niet volkoren-) brood fijn te malen. Dat is echt heel veel lekkerder dan dat spul in die kartonnen doosjes.




Nou is het slechts een kwestie van bakken. Wat je wilt is gaar vlees met een enigszins gesouffleerde, krokantige, mooi gebruinde paneerlaag. Een deel van de echte schnitzel-smaak komt van de boter waarin je ze bakt. Gebruik geklaarde boter (ghee) en zonnebloemolie. Check deze link om zelf je boter klaren. Dit is niet veel meer dan geduldig roomboter smelten.

Vul een mooie koekenpan met een halve tot 1 centimeter ghee/olie. Verhit dit tot het mooi heet is. (zo'n 165C) Leg er 1 of meerdere schnitzels in, maar hou wel rondom ruimte. Nu ga je draaien en heen en weer walsen met de pan zodat de olie telkens een beetje over de schnitzels heen golft. Keer voorzichtig na 2-3 minuutjes. Doe hetzelfde nogmaals tot mooi bruin aan beide zijden. Check eventueel op gaarheid als je niet zeker bent. Bak op deze manier alle schnitzels.

Een richtiger-Wiener serveer je met partjes citroen en wat peterselie. Dè side-dish is aardappelsalade.




ingrediënten:


  • kalfsvlees, entrecote bijvoorbeeld. Of kip, neem kippendijen want die smaken beter. Snij hier dan wel even de vetjes af
  • zout
  • bord bloem
  • bord met 1 ei, losgeklutst met
  • een scheutje spa
  • bord met paneermeel
  • zo'n 200 ml geklaarde boter/zonnebloemolie
  • 1 citroen
  • handje platte peterselie, alhoewel in dit uiterst zeldzame geval krulpiet ook mag gezien het retro-gehalte van een Wiener Schnitzel


0


dinsdag 6 januari 2015

Pasta Parmezaan





De Sigi's trekken elke zomer zuidwaarts richting Italië. Om daar minimaal 3 weken te genieten van (in willekeurige volgorde:) de mensen, het land en het eten. 2 Jaar geleden heeft mevrouw Sigi een 5-sterren-waardige accommodatie 'in the middle of nowhere' gevonden. Die 5 sterren krijgen ze van Dikke niet alleen vanwege de mooie plek inclusief infinity-pool, maar zeker ook vanwege de gastvrijheid en de tovenaars in de keuken. De 5*-tent wordt qua keuken aangestuurd door Ricardo die in een eerder leven chef-kok was. De Sigi's bewegen zich een week lang van ontbijt naar lunch naar diner. Verdere beweging bestaat uit baantjes trekken en de verplaatsingen naar de gedekte tafel. Ik ga overigens niet verklappen waar deze 5*-hut zich bevindt.




Ergens tijdens de dag zoekt Ricardo ons op om het menu van de dag en onze wensen door te nemen. Mocht 1 van ons namelijk ergens geen zin in hebben of niet lekker vinden, dan begint de uitdaging om een smakelijk alternatief te vinden. Nou eet het jongste meisje Sigi bijna alles, maar met haar 11 lente's zit er zo nu en dan toch iets tussen waar ze niet blij van wordt. Maar ook voor 'my little princess' weet Ricardo altijd iets te bedenken. Eén van de dingen waar hij haar afgelopen jaar blij mee wist te maken is een Pasta met Parmezaan. En dan niet gewoon met Parmezaan er over geraspt, maar fluweelzacht gesmolten in een aan de Pasta klevende Saus.
Eenmaal thuis moest Dikke dit van het jongste meisje Sigi dit namaken. Hoe moeilijk kan het zijn ? Pasta koken, Kaas raspen en zachtjes smelten met wat kookvocht. Dit leidde wel tot een resultaat, maar niet het gewenste; de Kaas werd met elke hap minder vloeibaar. Voordat het bord leeggegeten was moest de Kaas gesneden worden..




Dit is het lot van elke kok die zichzelf alles moet aanleren. Op een koksopleiding passeert een Parmezaan/Kaas-saus vast de revue. Nou weet Dikke inmiddels wel een Béchamel te maken en als je hier Kaas doorheen raspt en smelt heb je een Kaassaus. Heerlijk om bij Bloemkool te eten of om een schotel mee te gratineren, maar dit was niet het beoogde doel. Dikke beheerst ook een Pasta Carbonara; Pasta met Spek, Eieren en Kaas. En deze Carbonara-saus komt dichter in de buurt bij wat ik nu wil.

Uw Sigi besteedt een flink gedeelte van zijn dagen aan het zoeken naar, het lezen van en het kijken naar 'food'. Dit scheelt u weer tijd, zullen we maar zeggen. En zo zag ik dhr. J. Oliver laatst langskomen met een 'truc' die toepasbaar blijkt te zijn. Net als het Ei bij de Carbonara gebruik je iets om de Kaas te helpen om tot een zalvige, fluwelen Saus te transformeren. Denk aan Room, Crème Fraîche of in dit geval nog beter, Mascarpone! En zodoende is de smaak van Italië, na een maand of vijf, alsnog teruggekeerd in huize Sigi.




Mascarpone kan je zelf maken door een Room/Melk-mengsel iets aan te zuren met Wijnsteenzuur of Citroensap en dan au bain marie te verhitten. Gaan we niet doen, neem een bakje uit de supermarkt. De mijne verkoopt Galbani, een Italiaanse kaasmaker sinds 132 jaar; als je het zo lang volhoudt moet je een aardige Mascarpone weten te maken.

Recept:

Kook de Pasta al dente (beetgaar). Zet een diep bord bovenop de pan waarin je de Pasta kookt en doe hierin de Mascarpone. Rasp hier zo fijn mogelijk (gebruik een microplane-rasp, maatje 'fijn') eenzelfde hoeveelheid Parmezaanse Kaas over. Roer terwijl het mengsel verwarmd wordt. Je hoeft je natuurlijk niet te beperken tot Parmezaan. Zo heeft Dikke er laatst een stuk Truffelkaas doorgeraspt. Of doe half Parmezaan, half Pecorino. Maal er wat Witte Peper boven en breng verder op smaak met Zout. Het Mascarpone/Kaas-mengsel moet wat aan de dunnige kant zijn, een makkelijk vloeiende crème is wat je wilt. Verdunnen doe je door wat van het Pasta-kookvocht te gebruiken. Hou iets van het kookvocht achter als je de Pasta afgiet.
Meng de gare Pasta goed met de Kaassaus.




Simpel, lekker en snel, met goede en goed gekookte Pasta en versgeraspte Parmezaanse Kaas 5* waard wat Dikke betreft. 
Wil je iets meer textuur dan zou je er wat uitgebakken Spek over kunnen kruimelen. Wat qua textuur ook prima kan en voortkomt uit de Cucina Povera, de Italiaanse Armelui's Keuken, is Pangrattato over de Pasta Parmezaan; gebakken oud Broodkruim. In dit geval is het lekker om door het Broodkruim wat Tijm of Rozemarijn, mee te bakken. Bak vers fijn Broodkruim in een minimaal beetje Olijfolie met dus wat Tijm en een gekeneusde teen Knoflook tot de gewenste kleur bereikt is. Niet tè donker. Strooi dit over je Pasta Parmezaan.
zie ook: http://dikkesigi.blogspot.nl/2014/01/spaghetti-aop-met-knoflookolijfoliepeper.html.




Ingrediënten:

  • 400 gr lange Pasta, Spaghetti, Linguine, Tagliatelle oid
  • 200 gr Mascarpone
  • 200 gr Parmezaanse Kaas
  • Zout en Witte Peper
eventueel:
  • (ontbijt-)Spek, uitgebakken en verkruimeld
  • 2 handen fijn Broodkruim, wat Tijm en een teen Knoflook voor de Pangrattato


vrijdag 20 juni 2014

MosselS





Zijn 't Mossels of Mosselen ? Er bestaat een Facebook-pagina die 'hetzijnMosselS' heet. Zij claimen het te weten; mosselen is een werkwoord. Ik mossel, jij mosselt, wij hebben gemosseld. Het meervoud van borrel is borrels en het werkwoord is borrelen. Mosselen is dus samen MosselS eten. Klinkt plausibel, Dikke gaat er in mee. Sommige Mossel-liefhebbende taalpuristen gaan verder; gewapend met een stift trekken zij door het land om de '-en' te veranderen in een '-S'. Helden zijn het. Hoe dan ook, Sigi mosselt graag MosselS, zelfs als ze als Mosselen aan de man gebracht worden.

Voor veel mensen maakt deze taalkundige strijd niets uit; ze eten ze toch niet. Het uiterlijk van de Mossel blijkt een obstakel, kijkend naar bovenstaande foto kan Dikke zich daar ook wel iets bij voorstellen. Maar zelf laat Sigi zich nooit weerhouden door uiterlijkheden, niet qua eten, maar ook niet in het dagelijks leven. 'Een mens met een lelijk uiterlijk kan best hele mooie ingewanden hebben' (- Haladne), en dat geldt vast ook voor dieren. Dus, don't judge a book by its cover, en geef de Mossel een kans.




Toen ikke Dikke nog niet was, werkte ik in A'dam als kok in 'the Pancake Corner' vlak bij het Leidseplein. Pannenkoeken van enorm formaat bakken in gietijzeren pannen, zo zwaar dat het omgooien een speciale techniek en spierballen vereiste. Het was een toeristisch gekkenhuis, de chef had het kortste lontje ooit en zijn grootste vriend in de keuken snoof substantiële hoeveelheden van een op poedersuiker lijkende drug. Om vervolgens stuiterend in de hoogste versnelling de ene na de andere Pannenkoek, gaar of niet, de keuken uit te sturen. Mijn weigering om ongare baksels omwille van de snelheid de keuken te laten verlaten, leidde keer op keer tot gênant luidruchtige, tot in het restaurant hoorbare scheldpartijen door de chef en zijn cook-maat. 





Behalve Pannenkoeken stonden er onder andere ook MosselS op de kaart. Klassiek gekookt met Friet of gebakken met Brood, en sausjes. Aan het hoofd bediening in the Pancake Corner stond destijds een Jordanese, struise dame, die het geweld vanuit de keuken moeiteloos het hoofd bood. Waar zij dan weer van over de zeik kon gaan, waren de lege Mosselschelpen. Lege schelpen lukraak neergelegd maken samen snel een berg, die dan door het bedienend personeel afgehaald moesten worden. In haar ogen totaal onnodig want in elkaar geschoven passen alle schelpen uit de mosselpan in het bijhorende deksel. Sindsdien doet Dikke niet anders.
Bestek heb je niet nodig; vis een lege schelp uit de pan; dit is je knijpertje, waarmee je de rest van de MosselS uit hun schelp trekt.




Vroeger waren MosselS verkrijgbaar als de 'R' in de maand zat, van September tot April. Tegenwoordig kan je beter zeggen, als de 'R' in het seizoen zit; Zomer, Herfst en Winter. Dit komt omdat de MosselS inmiddels in Nederland gekweekt worden, in de Waddenzee en in de Oosterschelde. Deze kweek wordt steeds duurzamer, nu ook het zaadvangen minder in het wild gebeurt (via milieu-onvriendelijk bodemschrapen), maar door middel van MZI's, Mossel Zaadinvang Installaties. Met Mosselzaad worden 1 cm grote Mosseltjes bedoeld. Het zaad gaat vervolgens in sokken die in waterkolommen worden opgehangen. Dit is de zogenaamde hangcultuur. Van zaad tot een te consumeren Mossel duurt zo'n anderhalf tot 2 jaar.
Maar dan heb je ook wat; een Mossel bevat meer ijzer, fosfor en vitamine B dan vlees, met veel minder calorieën.
Er zijn ook wilde MosselS op de markt, maar ook dat zijn rustige types. In wilde MosselS kan wel zand zitten en die leg je daarom het best een tijdje in een bak gezouten water om ze zand te laten spugen. Dikke neemt altijd een oestermes mee tijdens het jaarlijkse weekje Vlieland. En tijdens het oesterrapen bij eb, verzamel ik ook altijd een maaltje wilde MosselS, die er net als de Oesters in overvloed te vinden zijn.




Mossels koop je levend, en voordat je ze kookt zul je ze 1 voor 1 moeten bekijken en schoonmaken. Zet ze in een bak onder stromend water. Een Mossel zal zo nu en dan open gaan om de omgeving in zich op te nemen. Als ie niet meer dicht gaat, ook niet na een ferme tik op 1 van z'n 2 schelpen, dan doet in ieder geval de spier om de schelpen dicht te trekken het niet meer. Maar waarschijnlijk is ie ongezond of dood. Weggooien. Kapotte MosselS gooi je ook weg.
Pokken op de Mossel schraap je er met een mes vanaf. Schone MosselS eten fijner, hou een borsteltje bij de hand. Voor zand in gekweekte MosselS hoef je niet bang te zijn. Voor verkoop 'wast' de Mosselboer ze door ze een tijd in schone Oosterschelde-percelen te laten leven.
Een Mossel heeft een hoop dingen niet, maar wel 1 Voet èn een Baard. Het oranje fliebertje is de Voet waarmee hij of zij de omgeving aftast op zoek naar naar een fijn plekje. Uit de Voet groeien draden waarmee de Mossel zich aan iets hards of gewoon aan een andere Mossel hecht. De draden samen zijn de Baard en die snij je ook af als je ze aan het kuisen bent. 




Mosselen koken stelt niet zo veel voor. Neem wel een ruime pan; de schelpen gaan open en zullen ruimte innemen. Vandaar ook het hoge deksel van een heuse mosselpan. Klassiek gekookte MosselS gaan zo:
snij Ui, Prei en Bleekselderij grof. Smelt een klont Roomboter in de mosselpan en fruit de groenten hierin een paar minuten zacht aan, samen met een blaadje Laurier. Nu kunnen de schone MosselS er bij. Zet het vuur hoog. Blijf erbij want MosselS gaan snel. Als het deksel begint te dansen, kookt het binnen in de pan. Neem een theedoek of pannenlappen, pak de pan en schud de MosselS om. Blus met een flink glas Witte Wijn en strooi er een handje fijngesneden Selderij over. Terug op het vuur. Wacht op het deksel, en schud voor de tweede keer om. Laat weer aan de kook komen, klaar, van het vuur af. Haal ze met de Groenten met behulp van een schuimspaan uit de pan en verdeel over borden of leg ze op een schaal. Bewaar het vocht. Hou de MosselS warm onder folie of in een warme oven.





Klassiek gekookte MosselS eet je met Friet en Saus. Voor de Sausjes gaan we het kookvocht gebruiken. Zeef het vocht om zeker te zijn dat eventueel hardnekkig zand verwijderd is. Kook het vocht in tot de helft. Kerrie en Saffraan passen uitstekend bij Mossels. Zet een pluk Saffraandraden onder heet water in een kommetje. 2 Sauzen, 2 pannetjes, in allebei een klont Boter laten smelten. 
Voor de Saffraansaus smoor je een fijngesneden klein Uitje en 2 tenen Knoflook. Doe de Cognac erbij en laat die bijna helemaal verdampen. Roer er een eetlepel Bloem door. Giet het Saffraanvocht erbij en ongeveer de helft van het mosselkookvocht. Breng aan de kook, laat 2-3 minuten koken. Zout en peper en een lik Crème Fraîche.
Voor de Kerriesaus smoor je een Sjalot en 2 eetlepels Kerrie. Meng 150 ml Slagroom met Crème Fraîche en mosselkookvocht tot de gewenste dikte. Laat 2 minuten meesudderen in het pannetje. Proef, Peper en Zout.
Simpel, snel en lekker is een sausje van half Mayo/ half Yoghurt, heel fijn geraspte Knoflook (mbv microplane-rasp) en een scheutje Witte Wijn of Witte Wijnazijn. Peper, Zout, fijngehakte Bieslook.





Mochten er MosselS overblijven, dan bak je die de volgende dag even in een klont Boter in de koekenpan.
Iets meer werk en lekkerder zijn gegrilde MosselS: snipper Sjalot, Knoflook, Platte Peterselie en Citroenschil heel fijn door elkaar, meng met 100 gr Roomboter, Peper en Zout. Breek de lege helften van de MosselS af en doe de andere helften op een bakplaat. Leg op elke Mossel een kloddertje Boter. Bestrooi met Broodkruim. Grill in 2-3 minuten goudbruin.
Op precies dezelfde manier kan je op elke Mossel ook een likje Pesto doen.




Ingrediënten:

voor MosselS op klassieke wijze gekookt:
  • 1 Ui
  • 1 Prei
  • 3 stengels Bleekselderij
  • 1 Laurierblad
  • 1 flink glas Witte Wijn
  • een handje Selderij
  • 2 kilo MosselS





voor een Saffraansausje:
  • een pluk Saffraandraden
  • klont Roomboter
  • klein Uitje
  • 2 tenen Knoflook
  • 1 eetlepel Bloem
  • ingekookt Mosselkookvocht
  • Zout, Peper
  • lik Crème Fraîche
voor een Kerriesausje:
  • klont Roomboter
  • een Sjalot
  • 2 eetlepels Kerrie
  • 150 ml Slagroom
  • ingekookt Mosselkookvocht
  • 100 ml Crème Fraîche
  • Peper en Zout
voor een Knoflooksausje:
  • 100 ml Mayonaise
  • 100 ml Yoghurt
  • 1 teen Knoflook, heel fijn geraspt
  • scheut Witte Wijn of -Azijn



voor de gegrilde Mossels:
  • 1 Flinke Sjalot
  • 1 teen Knoflook
  • een flinke handvol Platte Peterselie
  • schil van een halve Citroen
  • 100 gr zachte Roomboter
  • Zout en Peper
  • zo'n 75 gram Broodkruim

zaterdag 25 januari 2014

Spaghetti A.O.P - met Knoflook.Olijfolie.Peper






In Italië zijn er de zogenaamde Cucina Povera oftewel de Armeluis Keuken gerechten. Het komt er op neer dat je met vrijwel niets iets maakt. Als het geld op is en de keukenkastjes bijna leeg wordt er een beroep op de inventiviteit van 'la Mama' gedaan om toch nog iets lekkers en voedzaams op tafel te krijgen.
Wat maak je als je het moet doen met Pasta, wat Oud Brood, een scheutje Olie, een paar teentjes Knoflook en een Pepertje. Of wat te doen met een restje Kaas, een Citroen, wat Peterselie en een paar Tomaatjes.
Een Ui, Bloem, misschien een Ei.

Minimale ingrediënten maar maximale smaak. Dat is wat er uiteindelijk is ontstaan door deze creativiteit uit noodzaak. Dus staan gerechten uit deze Armeluis Keuken nog steeds op het menu. Ook nu het niet altijd meer noodzakelijk is. De AOP heeft zelfs een status als klassieker bereikt. Favoriet van velen. Spaghetti met Knoflook, Olijfolie en Peper.




Simpel, snel en heel lekker: 
Kook 400 gr Spaghetti of Spaghettini al dente. Verwarm een mooie Olijfolie, bak hierin heel zachtjes 5-8 tenen fijngesneden Knoflook en 1-2 verkruimelde Gedroogde Pepertjes. Voorkom verkleuren van de Knoflook. De hoeveelheid Knoflook en Peper naar smaak en hitte-tolerantie. Heb je Peper-mijdende eters, maak dan 2 versies in 2 koekenpannen of gebruik gedroogde rode Chilipepervlokken aan tafel.
Pasta afgieten, door de AOP husselen, klaar.

Als je dit uit noodzaak maakt doe je het met wat je hebt, maar kies je ervoor, ga dan voor de allermooiste Olijfolie en verse Knoflook.




Verse Knoflook is verkrijgbaar vanaf de late lente tot in de zomer en is lekkerder dan gedroogde. Aan Knoflook worden allerlei goede eigenschappen toegeschreven. Als ik de 'DikkevanDam' er op na sla blijken wetenschappelijk bewezen eigenschappen: antiseptisch, bloedsuikerverlagend, cholesterolverlagend en bloeddrukverlagend. 

Qua keukentools vind ik de knoflookpers overigens een van de meest overschatte. Na flink gepiel heb je weliswaar knoflookpulp, maar ook een deel Knoflook dat in de pers achterblijft en een irritant schoonmaakwerkje. 
Beter gaat het met een mes; leg een teen neer en geef er klap op met de palm van je hand of de zijkant van een mes. Hij is nu heel eenvoudig uit z'n jasje te halen. Snij het kontje eraf en hak 'm fijn als een chef. Hou de punt van het koksmes op de snijplank, met gekromde vingers de teen op z'n plek en maak langzame snijbewegingen. Oefening baart kunst, na een aantal keer gaat dit supersnel. Als je 'm nog fijner wilt hebben gebruik dan een microplane-rasp. 




Deze designerige variant van Joseph-Joseph kwam ik laatst tegen en is wellicht een oplossing voor koks met beperkte knife skills.


De Spaghetti AOP is een topper, maar ik leuk 'm graag iets op met kleine Trostomaatjes, Citroen en Platte Peterselie. Snij een stuk of 10 Trostomaatjes in stukjes en bak ze mee met de Knoflook en Peper. Vlak voor je de Spaghetti er door husselt roer je de rasp van 1 Citroen door de Olie. Een snuf Zout naar smaak. Op het laatst nog wat gehakte Platte Peterselie.




Het is voor de hand liggend om er wat vers geraspte Parmezaanse Kaas over te strooien. En dat kan natuurlijk prima. Maar er is een Armelui's Alternatief; als men geen Parmezaan had, bood Oud Brood uitkomst. In de vorm van Pangrattato; gebakken Broodkruim.

Verhit een minimaal bodempje Olijfolie met 2 doorgesneden of ietwat geplette tenen Knoflook en bak hier een laagje Broodkruim in bruin. Blijf het Broodkruim met een houten lepel verplaatsen tot het gewenste kleur/resultaat. Klinkt simpel, is het ook, maar is erg lekker over de AOP. 
Paneermeel uit een pakje komt er in huize Sigi niet in; onnodig en onsmakelijk. Bij DS thuis wordt het broodkruim van Echt Oud Brood gemaakt. Drogen in de oven en verkruimelen in een keukenmachine. 




Spaghetti met Knoflook, Olijfolie, Peper, Tomaatjes, Citroenrasp, Platte Peterselie en Pangrattato !

Ingrediënten:
  • 400 gr. spaghetti of spaghettini
  • mooie olijfolie
  • knoflook
  • 1 verse rode peper, gedroogde rode peper of gedroogde rode chilipepervlokken
  • 10 kleine trostomaatjes
  • 1 citroen
  • platte peterselie
  • broodkruim